Autisme is een vorm van neurodivergentie. Dit betekent dat je hersenen op een andere manier werken dan bij de meeste mensen. Bij mensen met autisme uit zich dit met name in de manier waarop ze communiceren, hoe ze omgaan met anderen en hoe ze de wereld om zich heen begrijpen en ervaren. Sociale interacties, omgaan met verandering en prikkels uit de omgeving zijn lastiger voor mensen met autisme en kosten meer energie. Langdurige overbelasting kan leiden tot een autistisch burn-out.
Een autistische burn-out is een periode die zich kenmerkt door:
- Mentale, fysieke en emotionele uitputting
- Toename van de gevoeligheid voor prikkels (denk aan gesprekken of muziek op de achtergrond, labeltjes in kleding die je voelt, geuren van deodorant of parfum, etc.)
- Verlies van vaardigheden (bijvoorbeeld meer moeite om te plannen, om flexibiliteit te zijn, met het onder controle houden van je emoties, etc.)
Tijdens hun leven kan er bij mensen met autisme meerdere keren een autistische burn-out ontstaan en vaak lopen ze hun eerste autistische burn-out al als tiener of jongvolwassene op. Want stressvolle levensgebeurtenissen, zoals het overlijden van een naaste, een echtscheiding of een nieuwe studie of baan vergroten het risico op een autistische burn-out. Daarnaast kunnen al aanwezige stoornissen (zoals bijv. een angststoornis) de kans op een autistische burn-out vergroten.
Oorzaken autistische burn-out
Er zijn verschillende oorzaken voor het ontstaan van een autistische burn-out:
- Mensen met autisme hebben meer moeite om alle prikkels te verwerken die in deze steeds drukker wordende maatschappij op hun afkomen. Vooral school en de werkplek zijn ‘prikkelbommen’ waar er bijzonder veel gevraagd wordt op het gebied van prikkelverwerking.
- Daarnaast wordt er op deze plekken juist veel sociale interactie en flexibiliteit verwacht, twee dingen waar mensen met autisme minder sterk in zijn en die ze dus ook meer energie kosten.
- Mensen met autisme hebben moeite om hun eigen emoties te voelen en te verwoorden, waardoor ze de alarmsignalen minder goed registreren die aangeven dat ze overbelast dreigen te raken.
- Ze hebben relatief vaak het gevoel dat ze falen, want het is lastig om het ‘goed’ te doen in een wereld die niet op jou ingericht is.
- Ze proberen zich voortdurend aan te passen aan de verwachtingen van hun omgeving (wat ook wel ‘maskeren’ wordt genoemd) en het kost heel veel energie om je constant anders te gedragen dan hoe je werkelijk bent.
- Omdat mensen met autisme anders zijn, worden ze vaker gepest en buitengesloten.
Overigens wordt van vrouwen met autisme meer sociaal gedrag verwacht, waardoor ze meer maskeren (wat heel vermoeiend is en heel veel energie kost). Hierdoor raken ze sneller overbelast. Hormonen kunnen hierbij ook een rol spelen.
Verschil met een normale burn-out
Een autistische burn-out lijkt op een normale burn-out, maar verschilt op belangrijke vlakken, waardoor het herstellen van een autistische burn-out ook om een andere aanpak vraagt.
Een autistische burn-out ontstaat niet, zoals een normale burn-out meestal wel, op het werk, maar wordt veroorzaakt door ‘levensstress’. Denk aan de zorg voor de kinderen, het huishouden, de dagelijkse taken en afspraken plannen, regelen en uitvoeren, etc. Dat zijn de dingen die mensen met autisme vaak boven het hoofd groeien. Terwijl werk juist voorspelbaarheid en structuur kan bieden waar mensen met een autistische burn-out op dat moment extra behoefte aan hebben. Dus waar bij een normale burn-out rust van het werk nodig is, kan dat bij een autistische burn-out averechts werken.
Bij een normale burn-out is het belangrijk om het contact met de collega’s in stand te houden, zodat de drempel om terug te komen niet te groot wordt. Er wordt dan ook vaak opgebouwd door, na een periode van rust, eerst eens een paar keer op het werk koffie te komen drinken. Ook wordt iemand met een normale burn-out aangemoedigd om eerst de sociale contacten weer op te pakken. Bij iemand met een autistische burn-out zijn sociale interacties júíst belastend. Liever beginnen zij weer rustig met eenvoudige werktaken, maar beperken ze de sociale interacties zoveel mogelijk. Ze trekken zich terug en komen zo weer op krachten.
Verschil met een depressie
Doordat ze zich terugtrekken op sociaal vlak, kan dit ertoe leiden dat er bij mensen met een autistische burn-out zorgen ontstaan over een depressie. Mensen met een depressie hebben namelijk ook de neiging om zich terug te trekken. Maar waar de behoefte om zich terug te trekken bij mensen met een depressie voortkomt uit somberheid, is het bij mensen met een autistische burn-out een strategie om om te gaan met hun burn-out. Sociale interacties kosten mensen met autisme nou eenmaal heel veel energie en die kunnen ze op dat moment niet missen.
Een ander verschil met een depressie is dat mensen met een depressie nergens meer vreugde uit kunnen halen, terwijl mensen met een autistische burn-out nog intens kunnen genieten van hun gefixeerde interesses. Dit zijn de passies van mensen met autisme: de onderwerpen waar ze veel mee bezig zijn, waar ze ook het liefst mee bezig zijn en waar ze heel graag over praten.
Genezen en voorkomen
Om te herstellen van een autistische burn-out is het van belang dat:
- Mensen met een autistische burn-out meer ruimte krijgen om te zijn wie en hoe ze zijn. Dat ze meer ‘masker-vrije’ tijd krijgen.
- Ze zich vrij voelen om stereotiep gedrag (bijv. wiegen of wiebelen) te laten zien.
- Ze tijd kunnen besteden aan hun gefixeerde interesses.
- Ze zich terug kunnen trekken.
Daarnaast is het belangrijk dat mensen met een autistische burn-out beter leren om de symptomen van overbelasting te herkennen. Dit kan met behulp van:
- Psychomotore therapie, voor een beter lichaamsbewustzijn.
- Apps zoals bijvoorbeeld de Stress Autism Mate.
Ten slotte is er vaak ook praktische begeleiding nodig op verschillende levensgebieden, zoals bijvoorbeeld hulp in de huishouding.
Herken je jezelf of iemand in je omgeving in dit artikel? Dan kan het verstandig zijn om contact op te nemen met je huisarts.